Pagina's

dinsdag 17 april 2012

#Stiefmoederdag

Afgelopen zaterdag was het stiefmoederdag. Niet – zoals op twitter gedacht werd – een nieuwe nationale feestdag net zoals Moederdag, maar een bijeenkomst speciaal voor stiefmoeders. Deze werd georganiseerd door de stichting Stiefmoeders, met als doel stiefmoeders met elkaar in contact te brengen en door middel van workshop goede tips en adviezen te geven voor het omgaan met een samengesteld gezin.
Als beginnende stiefmoeder was ik ontzettend benieuwd naar deze bijeenkomst van “boze stiefmoeders”.  En alle vooroordelen die je ooit zou kunnen hebben, werden op deze bijeenkomst dan ook duchtig ontkracht. Wat een mooie, liefdevolle en vastberaden vrouwen!
Het was een dag van erkenning en herkenning. Als enige stiefmoeder in mijn vriendinnenkring, merk ik dat het af en toe lastig is bepaalde dingen te bespreken met niet-stiefmoeders. Deze groep stiefmoeders had echter aan een half woord genoeg.
Renate Dorrestein
De dag begon met een lezing van Renate Dorrestein, die op haar karakteristieke wijze geen enkel blad voor de mond nam toen zij over haar “knip- en plakgezin” vertelde. Zij riep dingen als: ‘ga nooit samenwonen’ en 'Het doorsnee gezin is al een snelkookpan, laat staan het samengestelde gezin'. En de topper: 'Ik dacht af en toe over mijn stiefdochter: "Bestond jij maar niet."
Tenslotte las zij een stukje voor uit haar boek
“de stiefmoeder”.
De tweede presentatie was van Ietje Heybroek, die haar boek “Assie en de pompoenmoeder” presenteerde.
Na deze presentaties volgden twee workshoprondes. Ik volgde de workshop Teambuilding met je partner en Valkuilen voor stiefmoeders. Tijdens de workshops heb ik heel veel herkenbare, maar ook minder herkenbare verhalen gehoord en waardevolle tips meegekregen die ik zelf niet zomaar verzonnen zou hebben. Maar de mooiste opmerking uit deze workshops was toch wel: ook al ken je de valkuilen, beschermt dat jou niet tegen erin vallen!
Als afsluiter luisterde ik naar de lezing van Marja Baseler, die een boek geschreven heeft voor kinderen die heen en weer reizen tussen de huizen van hun gescheiden ouders: Heen en weer; als je ouders apart wonen. Voor het schrijven van dit boek interviewde Marja tientallen kinderen en zij kwam vaak verrassende opmerkingen tegen. Dit boek is niet alleen een aanrader voor kinderen van gescheiden ouders, maar ook voor de ouders en stiefouders, die hiermee een kijkje in de beleving van het kind meekrijgen.
Naast de lezingen en workshops, vond ik het contact met de andere stiefmoeders op deze dag fantastisch. Ik ontmoette zelfs een aantal twittervrienden.  En hiermee kom ik op de tip die ik zelf aan alle (beginnende) stiefmoeders wil meegeven: zoek een stiefmoedermaatje!
Dat kan via de site van
stichting stiefmoeders, maar ook op twitter kom je ons overal tegen..  


maandag 26 maart 2012

Blootgewoon


Onlangs begon Alex opeens te praten over mijn tatoeage. Nou heb ik er meer dan een, maar die zijn over het algemeen niet zichtbaar. Ik vroeg hem dan ook hoe hij dat wist. Nou, dat had hij gezien toen ik in de badkamer was.

Nou schrok ik daar verder niet van, ik schaam me niet voor mijn lijf. Maar ik zit er wel nog steeds over na te denken. Bij mijn ouders thuis werd er over het algemeen niet naakt rondgelopen. En vanaf het moment dat ik in de pubertijd kwam, ging bij mij de badkamerdeur op slot.

Inmiddels ben ik daar weer een stuk losser in geworden. Thuis loop ik makkelijk zonder kleren van de slaapkamer naar de badkamer, ook als de gordijnen nog niet dicht zijn. Maakt mij dat uit of de overburen een verre glimp van me vangen.
Als Max er is, doe ik precies hetzelfde.
Maar als Alex ook in huis is, dan trek ik toch meestal wel even iets aan. Tere kinderzieltjes enzo.

Maar op welk moment wordt het dan wel normaal?
Ik heb hier nog geen antwoord op, ik denk wel dat het per persoon weer anders is. Dus mijn vraag aan jullie, beste medestiefmoeders, is: wanneer gaf jij je bloot aan de stiefkinderen?

zondag 11 maart 2012

Hoarder


Ik ben een opruimer. Als dingen oud of versleten zijn, gooi ik ze weg. Oud papier gaat meteen de recycledoos in. Op vakantie koop ik hooguit een klein souvenir. Ieder half jaar loop ik mijn kasten na en ruim ik op.

Max is een verzamelaar. Het is nog niet zo erg dat we het programma " mijn leven in puin" moeten langssturen, maar zijn huis is vol. Eens in de zoveel tijd pak ik een vuilniszak en loop ik door het huis. Die zak krijg ik vol, en Max merkt niet eens dat er iets weg is. Maar toch liggen de kasten vol. En de zolder.

Onlangs heeft Max zijn huis te koop gezet. Voor de foto's van de makelaar hebben we toen flink opgeruimd en gepoetst. En het zag er keurig uit.

Maar de kasten hebben we toen niet uitgemest. Veel van de inhoud is gewoon oud en niet meer bruikbaar, dus dat kan zonder problemen weg. Maar Max heeft een sentimentele band met alles wat met zijn zoon te maken heeft. Dat betekent dat hij alle kleren van 0 tot nu bewaart. Het wiegje en het eetstoeltje staan op zolder. Al het speelgoed waar Alex ooit mee gespeeld heeft, staat daar ook. God weet wat er nog meer staat.

Ik heb al eens een opmerking gemaakt dat hij echt niet alles kan bewaren, maar Max vindt van wel. Hij fantaseert dan over nog een kindje die dan alles kan dragen en met het speelgoed kan spelen.
Ik heb hier moeite mee. Niet omdat ik nog helemaal niet weet of ik zelf wel kinderen wil, of omdat ons toekomstig huis dus al over een enorme zolder moet beschikken om al deze spullen op te slaan. En ook niet om het angstaanjagende beeld dat er straks 18 jaar aan spullen van Alex opgeslagen zouden moeten worden, als ik Max zijn gang laat gaan.

Ik heb er moeite mee omdat al deze spullen van Max en Haar waren. Zij hebben deze samen gekocht, toen ze samen gelukkig waren en hun leven gingen klaarmaken voor de komst van Alex. Voor mij voelt het niet goed. Ik zou het net zo raar vinden om mijn kind deze spullen te laten gebruiken, als dat ik haar kleren zou gaan dragen. Niet dus.

Ik heb hier onlangs een opmerking over gemaakt. Max werd toen heel stil. Ik heb het er maar even bij gelaten, om hem aan het idee te laten wennen. En gelukkig zijn er nog een heleboel kasten die we moeten uitruimen voordat we aan de zolder toekomen.

maandag 5 maart 2012

#Stiefpositief!

Vorige week kreeg ik van een lezeres van mijn blog en medestiefmoeder een ontzettend leuke e-mail. Het bericht begon met een reeks complimenten waar ik het spontaan warm van kreeg, wat lief!
En vervolgens gaf zij mij aan dat ze de titel “stiefmoeder” zo ontzettend negatief en niet meer van deze tijd vond.
In een van mijn eerdere berichten had ik het al eens over de verschillende termen die er aan stiefmoeders gegeven worden, of die stiefmoeders voor zichzelf verzinnen: liefmoeder, bonusmoeder, meemoeder (deze benaming heb ik ook al gebruikt gezien voor de lesbische partner van een moeder) en ga zo nog maar even door.
Tegenover deze beweging van nieuwe namen verzinnen staat Jeanette Hultzer van Hultzer coaching . Zij promoot op Linkedin en Twitter actief #Stiefpositief met als doel de negatieve weerklank van het woord stiefmoeder om te buigen naar een positieve betekenis.
Tenslotte heb ik op Twitter en via Jeanette op de linkedingroep voor stiefmoeders gevraagd hoe medestiefmoeders door hun stiefkind genoemd worden. De meesten gaven aan gewoon bij hun voornaam genoemd te worden. Een stiefmoeder in het bijzonder gaf aan dat haar stiefdochter haar “stief” noemde als ze haar extra lief vond.
Ikzelf ben van mening dat het allemaal niet zoveel uitmaakt hoe je het beestje noemt (A rose by any other name… ). Het gaat erom hoe je met elkaar omgaat. Dus ik noem mezelf vrolijke stiefmoeder. Omdat ik een vrolijke invloed wil zijn op het leven van mijn stiefzoon. Voor nu ben ik geen opvoeder of moeder. Mijn voornemen is om een persoon te zijn bij wie hij terecht kan met vragen of dingen waar hij mee zit. En ik probeer hem dingen mee te geven die hij van zijn ouders misschien niet mee krijgt, zoals voorlezen of uitstapjes naar bijvoorbeeld een museum (die hele leuke activiteiten voor kinderen hebben). Ik ben een extra persoon in zijn leven, van wie hij weer andere dingen kan leren als van zijn ouders. Kortom, ik ben bonus, maar niet moeder!

vrijdag 17 februari 2012

Gefeliciteerd, het is een jongen…….. hij is 6


Ik heb zo die leeftijd dat vriendinnen allemaal kinderen beginnen te krijgen. Het begint allemaal met een wens of een tikkende klok. Van sommige vriendinnen wist ik dat ze gingen “proberen”, van sommigen vermoedde ik het al. Met een beetje geluk lukt het dan binnen een paar maanden. In een paar gevallen helaas ook niet.

Als het dan gelukt is en de aanstaande moeder heeft het heuglijke nieuws met iedereen gedeeld, volgt een periode vol verwachting (pun intended). De mama-to-be leest de aanbevolen boeken en bereidt zich voor op de komende maanden en op de bevalling. Oei ik groei wordt ook alvast in huis gehaald om zich op het eerste jaar voor te bereiden. Met vriendinnen, collega’s en mede-zwangeren wordt uitgebreid besproken wat er komen gaat. Ik ben inmiddels dus ook goed op de hoogte van “what to expect when you’re expecting”.

En na 9 maanden maakt dan een klein hulpeloos nieuw persoontje zijn of haar opwachting. Papa en mama zijn (meestal) tot in de puntjes voorbereid. Alles ligt klaar, het kamertje is ingericht, de kledingkast ligt vol, de lades van de commode zijn volgepropt met de goede maat luiers. De luieremmer staat klaar, hulp staat paraat, de kinderopvang is geregeld, er is een kinderwagen en een autozitje. Goede voorbereiding is het halve werk. En dan nog veroorzaakt dit kleine wezentje een enorme impact.

Ik ging in zes weken van overtuigd single met twee katten naar stiefmoeder van een jochie van 6. 
BAM. Gefeliciteerd mevrouw, het is een jongen. Hij is 6.

En ja, ik heb de bevalling en de gebroken nachten overgeslagen. Nee, ik ben niet de fulltime opvoeder. Maar zo zonder enige voorbereiding of opgedane ervaring met leenkindjes, is het toch een hele uitdaging!